intro

Mijn naam is...

Mevrouw W. (Bijgewerkt op 10-02-2020) Een bekende in blogland, ook al is het alweer een aantal jaren geleden dat ik met mijn vorige webl...

zondag 17 maart 2019

'onze' industrie

Als wij vroeger met de kinderen op vakantie gingen, dan richtten we ons altijd voornamelijk op wat de kinderen leuk vonden. We zochten campings uit waar water (rivier, meer, zee, zwembad) was en er moest ook een speeltuin zijn. We gingen vaak in het bos en in de bergen wandelen. Manlief en de jongens deden dingen zoals rodelen, boomklimmen en raften. We planden ook vaak een bezoek aan een pretpark of een dierentuin of aan grotten. En we bezochten steden, kastelen en museums. Al het bovenstaande hoefde niet allemaal in één vakantie te zitten hoor, maar het laat wel zien wat wij onder andere deden als we op vakantie waren. Wij zijn niet van die mensen die urenlang op het strand of aan de rand van het zwembad liggen want daar hebben we de rust niet voor, wij moeten op stap en in beweging zijn. 

Bij het woord museum haalden de kinderen steevast hun neus op, maar ik wist altijd wel weer een museum te vinden, die ze toch leuk vonden. Dit is een kleine greep uit de museums die we bezocht hebben:

● Gevangenismuseum in Veenhuizen
● Space Expo in Noordwijk
● Tankmuseum in Saumur (Frankrijk)
 ● Natuurhistorisch museum in Parijs (Frankrijk)
● Techniekmuseum in Speyer (Duitsland)
● War Museum in Bastogne (België)
● Science Museum in Londen (Engeland)
● Mineraalmuseum in Puy de Dôme (Frankrijk)

In Frankrijk gingen we een keer naar het Eiermuseum toe. Dat was gewoon een privéverzameling bij iemand thuis in de voorkamer en dat is eigenlijk wel het leukste museum waar ik ooit geweest ben. Het museum bestaat ondertussen niet meer. En als ik aan de Franse Drôme denk, moet ik ook altijd aan de knikkerfabriek in Mirabel denken. We waren daar een jaar of vijftien geleden en dat was in een vervallen loods waar ooit cementen knikkers gebakken werden. Het flesje met knikkers dat ik toen kocht heb ik nog steeds:


Terug in 2019 gaan manlief en ik in het weekend vaak ergens heen en dit weekend was het mijn beurt om te beslissen waar we heengingen. Doordat het nogal wisselvallig weer was, wilde ik wel naar een museum toe. Alleen vindt manlief de museums die ik leuk vind, niet altijd leuk. Ik hou best wel van museums die over de oude geschiedenis (opgravingen, inpolderen, overstromingen) van de streek en de bewoners gaan en manlief houdt meer van techniek en wetenschap. Om een beetje aan de wensen van manlief tegemoet te komen, stelde ik voor om naar het Industrieel Museum Zeeland in Sas van Gent te gaan en dat leek hem wel wat.


Het museum is gevestigd in een loods van een oude suikerfabriek en ik kan me nog goed de stank van de fabrieken herinneren als je vroeger Sas van Gent binnenreed. Er waren twee suikerfabrieken en de fabriek van CSM werd in 1986 gesloten en die van de Suikerunie in 1990. Een gedeelte van het museum is gewijd aan de suikerindustrie.


En voor de rest gaat het over de Zeeuwse industrie en -producten.






De oppervlakte van het museum is misschien niet zo heel erg groot, maar er is veel te zien en veel te lezen. Wij hebben ons er tweeëneenhalf uur vermaakt.

En dit deed me erg aan het kantoor van mijn vader van vroeger denken:


Ik mistte alleen nog de geur
 van zijn kantoor.

We waren van plan geweest om na ons museumbezoek in de buurt van Sas van Gent te gaan wandelen, maar het weer was op het moment dat we het museum verlieten te slecht naar onze zin. We zijn daarom gewoon maar naar huis gereden.




2 opmerkingen: